Villa Sanjomuromachi te Kioto

In het kader van het stimuleren van de kleine ondernemer, was het even zoeken naar een onderkomen dat aan deze definitie voldoet. De keus is gevallen van Villa Sanjomuromachi in Kioto, het is kleinschalig met zijn 12 hotelkamers. Ook zit dit hotel in een ander deel van Kioto dan waar we al eerder geweest zijn. De kamer blijkt op de vijfde verdieping te liggen en heeft een klein balkon. Voor Japanse begrippen is het echt een ruime kamer met een echt zitje. De eerste ochtend zijn we beneden gaan ontbijten, maar de airco staat daar op vrieskou, dus de andere ochtenden hebben we op de kamer ontbeten. Alles wordt keurig op een dienblad geserveerd. Met dieetwensen wordt geen rekening gehouden was mij eerder verteld, uiteindelijk viel dat een beetje mee, nadat ik uitgelegd had dat het ook jammer is om eten weg te gooien. Uiteraard had ik mijn eigen ontbijt bij me, en ook een kom om de havermout in te doen.

De wandelingen zijn we allemaal vanaf het hotel begonnen. We zagen dat in de buurt van het hotel ontzettend veel koffieshops zitten, gewoon niet te geloven. De Starbucks heeft ook zitjes buiten onder een soort galerij, heel handig in geval van regen. En de keten genaamd Holly, riep weer associaties met Zuid-Korea op. Via een (bijna) rechte weg konden we zo richting de overdekte passage lopen, onderweg passeerden we daarbij het Museum van Kioto, en liepen richting het oude deel. Vlakbij Ponto Cho zit een Persisch restaurant, Arash Kitchen, dat ook glutenvrij eten op de menukaart heeft staan. Ze bleken een piepklein balkon te hebben, waar twee tafeltjes staan, aan elk tafeltje kunnen twee personen zitten. Wij zijn buiten gaan zitten, achter ons zat een meneer aan de waterpijp, en waanden wij ons even terug in het Midden-oosten. Zelfs tijdens een wandeling kun je zo al een kleine reis over de continenten maken. Na deze zeer late lunch ging de wandeling naar Gion om daar koffie te drinken. Sommige straten waren zo druk, dat we ze links lieten liggen. De lunchroom waar we koffie hadden willen drinken, bood alleen maar ” take-out”. Doorgelopen en bij een kleinschalig zaakje gekomen, alwaar wij eerder koffie hebben gedronken. De koffie is uitstekend, het lijkt erop dat ze zelf de bonen branden. Via enige omtrekkende bewegingen, zijn we weer richting de andere kant van het water gelopen. Lekker veel stappen gemaakt in een rustig tempo.

Weekend weg, niet met Go Travel

Tijdens het lange weekend zijn we naar Kioto gegaan. Dit stond al een tijdje op de planning, maar eerst even gewacht met boeken. In het kader van het stimuleren van de economie en om een nieuwe ervaring te hebben, besloten we om de zogenaamde ” green car” van de Shinkansen te proberen. De tweede reden was dat we hoopten op een lege wagon.

Na het boeken van het hotel en de treinreis, kwam de overheid eerst met een campagne om toerisme in eigen land te stimuleren, het zogenaamde ” Go Travel”. Je kunt dan kortingsbonnen aanvragen en de bedoeling is dat je via bepaalde organisaties dan een reis boekt, en krijg je 30% korting. Nu hadden we al besloten om deze keer echt niet de bonnen aan te vragen. Enige tijd later begon het aantal besmettingen in Tokio op te lopen, en werden de inwoners van Tokio van deze actie uitgesloten. Met klem werd verzocht om tijdens dit lange weekend thuis te blijven. Voor het eerst was ik blij dat ze dit hier niet kunnen verplichten en geen sancties kunnen uitdelen, zodat wij onze reis toch door hebben laten gaan.

Volgens verwachting was de trein lekker rustig. De stoelen staan hier twee aan twee, i plaats van 3 en twee, zijn iets breder en kunnen lekker ver naar achteren. In de trein werd een doekje uitgereikt, en ze kwamen regelmatig het afval ophalen. De ” rapid express” was ook lekker snel op de heenweg en na ruim 2 uur met de Shinkansen, stonden we op het perron in Kioto. Met de taxi richting hotel en daar werden we voor het verkeerde hotel afgezet.

De terugweg was een ander verhaal. Op het nieuws had ik al gezien dat er hevige regenval in Tokio werd verwacht op zondag. We waren lekker op tijd op het station en konden een half uur eerder de trein nemen. Je mag treinkaartjes 1 keer gratis omruilen. Dus 1 minuut over tien in de trein. Helaas heeft het weer, roet in het eten gegooid. In het begin werden de mededelingen ook nog in het Engels gezegd, daarna niet meer. Dus geen idee wat er allemaal aan de hand was, maar volgens de website van Japan Rail, kwam de vertraging door de regen. Ook dit is een nieuwe ervaring, een trein met veel vertraging, zeker drie uur. De trein ging op een gegeven moment ook terugrijden, gelukkig was dat maar een klein stukje.

Normaal bij het uitchecken ben je het treinkaartje kwijt, maar wij kregen het kaartje terug. In het geval van vertraging kun je geld terug krijgen. Dat hebben we verder niet uitgezocht. Al met al waren we wel blij dat we een weekend weg zijn geweest.

Workshop Lemon pie

Het is ontzettend leuk om weer eens een workshop bij te wonen. Heel lang heb ik geaarzeld of ik me op zou geven want het is ongeveer even lang reizen als de duur van de workshop. Vanuit Tokio moest ik naar Tsukuba reizen, eerst met de Chiyoda lijn en dan overstappen op de Tsukuba Express. In de exprestrein naar Tsukuba viel het me op dat niet iedereen een mondkapje op had. Dat zie je in Tokio niet, daar heeft iedereen een mondkapje in de metro of trein op. Het was leuk om weer eens een andere route en klein stukje van Japan te zien. De metro en de trein waren erg rustig, niemand hoefde te staan. In Tsukuba werd ik, en de drie andere deelnemers, opgehaald door Anne, de workshopleider om naar Oda te gaan. Al met al waren we met vier deelnemers aan de workshop, het maken van een glutenvrije Amerikaanse lemon pie. Allemaal droegen we keurig onze mondkapjes.

De ontmoetingsplaats en in de verte een foodtruck.

Onderweg naar Oda vertelde Anne dat ze al 16 jaar in Japan woont en dat ze uit de VS komt en architect is. Omdat het op sommige plaatsen best moeilijk is om glutenvrij brood en gebak te krijgen, besloot ze om zich te gaan toeleggen op het maken van producten die gemakkelijk ingevroren door heel Japan te versturen zijn. In april opende de bakkerij, die gevestigd is in een gemeenschapshuis, haar deuren. In het weekend kun je er iets drinken en taart of een ander gebak eten. Door covid-19 kon ze zich alleen toeleggen op het maken en versturen van de orders. Haar eerste workshop hield ze op maandag 13 juli. Stap voor stap werd alles uitgelegd en gingen we aan de slag. Toch leuk om bepaalde tips te horen die in de meeste bakboeken niet vermeld staan, zodat iets toch fout kan gaan tijdens het bakproces, terwijl ik denk het recept te hebben gevolgd. Een van de hilarische momenten was het scheiden van eiwit en eigeel voor de merengue op de top van de taart. Dat ging uiteraard mis. Maar alles wordt nog gebruikt, geen eten wordt weggegooid. Alle deegrestjes zijn verwerkt tot koekjes. De taart werd zeer zorgvuldig ingepakt om mee naar huis te kunnen nemen. De volgende dag lekker een stukje bij de koffie, voor ons is de taart te zoet. De smaak is prima, maar wij zijn niet meer gewend om (veel) suiker te eten. Nu rustig op zoek naar een ander recept voor de vulling. Het recept voor de bodem is uitstekend, geen behoefte om daar iets aan te veranderen. Smaakt net zoals de bodem met gluten, dit even ter vermelding voor de persoon die de gluten mist als hij een baksel zonder gluten krijgt!

Het dorpje Oda ligt aan de voet van de heuvels en in het weekend schijnen de nodige wandelaars uit Tokio te worden aangevoerd met busjes. Je kunt de berg in 40 minuten naar de top lopen in een gewoon wandeltempo. Vroeger schijnt er een kasteel in het dorp te hebben gestaan. De dorpelingen praten er nog over en de plaats is aangegeven. Voor iedereen die ooit in de buurt komt: mikagegf.com

Kanazawa Kenroku-en Garden

In Japan zijn veel mooie tuinen en parken. Op het moment dat duidelijk werd dat we langer in Japan zouden blijven, was het tijd om weer een soort verlanglijstje te maken. Een jaar geleden had ik het boekje Japanse Gardens van Tanaka Shozo aangeschaft, en daar staan een aantal tuinen (parken) in die ik graag zou willen bezoeken. Eentje ligt in Kanazawa en wordt een van de drie mooiste Samurai tuinen in Japan genoemd. Voor de eerste trip in 2020 wilden we ook niet super lang reizen, en Kanazawa voldeed aan die wens. In het boek staat Kenroku-en Garden, en het leek mij fantastisch om deze plek te bekijken met sneeuw. Tja, een sneeuwgarantie is er niet, maar door in de winter te gaan, hadden we de beste kans. Februari is niet meer hartje winter, maar we hadden geluk, ik geloof dat Joop er iets anders over dacht! Vanuit Tokio is Kanazawa prima te bereiken met de trein. Heel bewust hebben we gekozen voor een hotel in de buurt van het station, dan konden we de bagage snel afgeven en op pad gaan. Alle dagen met de benenwagen.

De dag dat het park op ons programma stond, had het gesneeuwd. Dat kon niet beter. Te voet zijn we richting het park gelopen, vanuit het station is dat ongeveer een half uur lopen. Onderweg sneeuwde het ook nog. Aangekomen bij de tuin, scheen de zon. Zonder vooropgezet plan, zijn we rustig door de tuin gaan wandelen. Het was de tijd dat het corona-virus al in China aanwezig was en veel toeristen nog welkom waren in Japan, dus wij kozen de rustige paden, en hebben zo toch het meeste gezien. Want ja, er waren nog steeds behoorlijk wat Chinezen in Japan waarvan niet altijd duidelijk is of ze er wonen of toerist zijn, bewust toch al wat afstand houden. De aanblik van de grote vijver, maakte veel indruk. Deze vijver heeft ook een naam, namelijk Kasumi-ga-ike. In deze Samurai tuin staat altijd iets in bloei. Daar het niet zo druk was in februari, konden we redelijk rustig lopen en genieten, alleen de plekken die expliciet benoemd staan in diverse reisgidsen, waren wat drukker.

Kanazawa biedt meer mooie stukjes. Omdat we ook dingen meer laten gebeuren, zijn we in de trein gaan kijken waar we de dag van aankomst naar toe zouden wandelen. Dat is het kasteel geworden. Deze naam is niet geheel correct, beter is het de plaats waar het kasteel heeft gestaan, en in sommige beschrijvingen ook het kasteel park genoemd. Er zijn gerestaureerde toegangspoorten, muren, en nog een paar gebouwen overgebleven. Het kasteel park hebben we in de regen en in de sneeuw gezien. Tijdens deze trip was het poppenmuseum een van de leuke verrassingen. De gids vertelde ontzettend enthousiast over de verschillen tussen de poppen qua dracht. Een museum dat indruk heeft gemaakt met zijn architectuur was het DT Suzuki Museum. Je kunt daar echt tot rust komen.

Snow Monkey Park

Het bezoek aan dit park stond op het verlanglijstje van mijn gast, die hier in februari was. Dus uitzoeken hoe we daar konden komen. Met google maps kom je een heel eind. Met de Shinkansen naar Nagano, daar moesten we een lokale trein naar Yudanaka nemen. Na wat rondgevraagd te hebben op het station van Nagano, vonden we eindelijk de plaats waar we het treinkaartje konden kopen. De automaat was in het Japans, maar een zeer behulpzame medewerker deed een deurtje tussen de automaten open en tikte het juiste aantal en de bestemming in. Het afrekenen bleef over. En nee, het perron was nog niet toegankelijk. Dan weer teruglopen naar de centrale hal, wat roltrappen op, lopen en weer roltrap, was er een plaats waar we thee konden drinken. We hadden ruim een uur te overbruggen. De weg terug ging beduidend sneller, en dezelfde medewerker liet ons het perron betreden. Het was nog behoorlijk druk in de trein. In Yudanaka maar eerst de rolkoffertjes naar ons traditionele hotel, Ryokan, gebracht. Gelukkig wezen behulpzame bewoners ons de weg, anders waren we de verkeerde kant opgelopen. Het was te vroeg om in te checken, maar dat maakte niet uit. Via een steile wandeling weer richting station om iets te eten. Op het plein was nog een restaurant open, de rest van het dorp zag er gesloten uit. Het kopen van een buskaartje bleek eenvoudig, helder krijgen wanneer de laatste bus terug ging, kostte iets meer moeite. De bus naar het park, stopte geheel niet in de buurt van het park, het bleek nog 2 kilometer bergopwaarts te zijn. Blij met het geschikte schoeisel, liepen we onder een stralende zon naar boven. Daar was het pad behoorlijk modderig door de gesmolten sneeuw.

Het park blijkt een afgezet deel van een natuurgebied te zijn voor de mensen, de apen hebben de rest van de natuur ter beschikking. In de winter komen ze naar het warme water (onsen) om te spelen, en om voedsel te krijgen. De apen trekken zich niets van de mensen aan. Het is ook ten strengste verboden om etenswaren mee naar binnen te nemen en de apen aan te raken. Er staat genoeg personeel om iedereen in de gaten te houden. Die middag waren veel apen lekker aan het spelen.

De volgende ochtend zijn we terug gegaan om te kijken naar het voederen. Deze keer bracht iemand van het hotel ons wat meer bergopwaarts, zodat een deel van de wandeling ons bespaard bleef. De zon liet zich nauwelijks zien. Het voedsel, granen, waren rondo het warme bad gelegd, en daar zaten de apen rustig te eten. Regelmatig staarden ze naar de bezoekers. Nu werd er beduidend minder gespeeld, wel waren er ontzettend veel apen aanwezig en gelukkig nog niet zoveel mensen. Het werd drukker toen wij terugliepen. We probeerden nu al de mensen op gepaste afstand te passeren.

Ryokan Tawaraya

Een paar jaar geleden had ik al geroepen dat ik nooit meer traditioneel ging slapen. Toch heb ik dit weer gedaan. Om een bezoek te brengen aan het “Snow Monkey Park” moet er een hotel in de buurt worden gevonden. Veel hotels zijn er niet in Yudanaka, dus toch gekozen voor een traditioneel ryokan. Wat houdt dit in? Als je binnenkomt, dan gaan de schoenen uit, en die gaan in een schoenenkast, elke kamer heeft zijn eigen plank in de kast. De slippers die klaar leken te staan, waren voor buiten?! Op onze sokken naar de lounge en daar kregen we een doekje en kombutcha thee. Na de formaliteiten werden we naar de kamer begeleid, onze bagage was er al neergezet. Ze hadden de bedden al klaargelegd. De futon lag niet op de tatami-mat, maar op een dun matras, duidelijk om het de buitenlandse toeristen wat comfortabeler te maken. In de kamer is ook een tafel met 4 stoelen aanwezig. De tafel en stoelen zijn heel erg laag, de stoel is gewoon een zitting met leuning op de grond. Onze buttons bleven gewoon liggen, normaal gesproken worden ze overdag op geborgen in een kast. In de kamer hadden de kasten schuifdeuren.

In de kast hingen kimono’s, en een soort overjas kimono, erg handig om naar de buiten onsen te gaan, en naar de binnen onsen. Dat laatste is meer een grote badkamer, met een rechthoekige bak met het zeer warme water. Vooraf moet je je douchen, zittend op een plastic krukje. De handdoek die op de kamer ligt, moet je meebrengen. Verder lag er ook een doek om je te wassen.

Waar we erg vrolijk van werden, was het toilet met de rode slippers. Heel apart dat alleen voor het toilet de slippers klaarstonden. De verwarming was een klein apparaat dat ’s nachts uitgaat. De eerste ochtend was het ontzettend koud, maar de tweede nacht wist ik hoe de verwarming aan te zetten.

Het ontbijt was uit de kunst, zowel de smaak als het zicht, een plaatje. Ze hadden rekening gehouden van het glutenvrij bereiden. De tweede ochtend was het nog smaakvoller, de avond ervoor had ik mijn glutenvrije sojasaus gegeven, konden ze alles gewoon bereiden. Op de ochtend van vertrek werden we met de auto naar het treinstation gebracht, gelukkig hoefden we geen hellingbaan te lopen met een rolkoffertje.